Omhoog of omlaag kijken
Door Robin van Koert

1975. De Wolfsdonken. Onder de hoofdtribune van het knusse stadionnetje bevond zich de kleedkamer van het eerste elftal van de rkvv Wilhelmina. Vijftien 10-jarigen luisterden met bleke smoeltjes naar hun bebaarde elftalleider. Onwennig en nerveus keken ze om zich heen. De meeste woorden gingen het ene oor in en het andere weer uit. Waar zij nu waren zaten elke twee weken hun helden. In dat mooie Geel en Zwart. Wie had normaal jouw plaats? De spits of misschien wel die bikkelharde laatste man. Aan het einde van de toespraak schrok ik plotseling wakker uit mijn dagdroom. Ik had alleen onthouden dat we bij een gelijkspel al kampioen zouden zijn. We stonden immers bovenaan, los van de tegenstander van de dag: Zwaluw VFC uit Vught. Tenminste, dat was ons verteld.

Een ranglijst kregen we het hele seizoen namelijk niet te zien. We wonnen veel en met overmacht. Regelmatig hoorden we dat we bijna bovenaan stonden. Een moderne methode de spelers te motiveren? Een jeugdleider die zijn tijd vooruit was misschien? Niets van dat alles. Standen waren in die tijd slechts mondjesmaat beschikbaar. De positie van het eerste konden we aflezen van de ranglijst in de kantine. Daar bleef het echter bij. Zeker voor ons, de jongetjes van de E2. Zondagavond Studio Sport voor het linker- en rechterrijtje van de Eredivisie en Eerste Divisie. Op maandag het Brabants Dagblad voor de ranglijsten van het amateurvoetbal. Genieten! Na schooltijd deed ik niets liever dan voetbalstanden doornemen. Wie waren op weg naar een kampioenschap? Welke clubs zouden gaan degraderen?

De sportpagina met tussenstanden verscheen evenwel maar een keer per week. Samen met een vriendje maakten ik door de week daarom mijn eigen voetbalstanden. Met behulp van twee dobbelstenen bepaalden we de wedstrijduitslagen. In een schrift hielden we de scores en ranglijsten per wedstrijd bij. We vonden het machtig mooi. Bij ons speelde de FC altijd in de Eredivisie. Langzaam werd zo de aanhanger van Blauw en Wit in mij wakker. Elke nieuwe Eerste Divisie tussenstand bestudeerde ik van boven naar onder en weer terug. Aan de hand van het schema en mijn inschattingen van uitslagen probeerde ik de kansen op een periodetitel, of misschien wel een kampioenschap, van de Bosschenaren in te schatten.

Toen het dan eindelijk zo ver was, hing een poster van het kampioenselftal aan de muur van mijn studentenkamer in Delft. In het begin was de maandagkrant, in die tijd was dat de Volkskrant, meestal aanleiding voor mijn wekelijkse depressieve moment. In de jaren die volgden verschenen steeds meer mooie krantenkoppen en uitgeknipte Eredivisiestanden aan de randen van de poster. Zelf begon ik na een onderbreking van enige jaren ook weer te voetballen. Bij Taurus in Delft en vervolgens voor Drienerlo in Enschede. De resultaten van onze voetbaltochten door het Twentse land verschenen wekelijks in het clubblad van Groen en Zwart. Helaas moesten wij vrijwel altijd omhoog kijken.

Terug naar die mooie avond in mei, nu dertig jaar geleden. De zenuwen gierden de hele wedstrijd door onze kelen. Familie en vrienden op de tribune moedigden ons aan. Met hangen en wurgen haalden we het einde van de kampioenswedstrijd met 0 Ð 0. Bloemen, een beker, een medaille en eindelijk kregen we de ranglijst te zien. Wat een fantastisch gezicht! Bovenaan het rijtje en met een 1 voor de clubnaam stond daar: Wilhelmina E2. De stand naar beneden bekijkend zag ik de namen van al onze overwonnen tegenstanders. Geweldig. Een eindstand om in te lijsten. Het was mijn eerste kampioenschap. De Bossche realiteit was vorig jaar helaas anders. Bijna het hele seizoen werd Blauw en Wit gedwongen omhoog te kijken. Ik kreeg bijna pijn in mijn nek. Geen uitgeknipte Eredivisiestanden op mijn prikbord. Tevens hingen aan de FC Den Bosch poster niet langer mooie koppen over zegevierende helden uit de Brabantse hoofdstad. Dit seizoen leek mijn cluppie even door te gaan waar ze een aantal maanden eerder het seizoen mee afgesloten hadden, namelijk verliezen. Gelukkig volgden vijf overwinningen en een gelijkspel, maar helaas eveneens een nederlaag. Niettemin kan ik, op internet tegenwoordig, weer naar de ranglijst kijken zonder depressief te worden.

Wat gaat het worden dit jaar? Omhoog of omlaag kijken? Wie het weet mag het zeggen. De eerste keer dat mijn helden de toppositie innemen hang ik de ranglijst uitvergroot op mijn prikbord. Zo ver is het echter nog lang niet en de huidige subtopstatus van de Bosschenaren bezorgt me helaas nog geen hoogtevrees. Met Berry Powel heeft Blauw en Wit nochtans wel de topscorer van de Eerste Divisie in de ploeg. Uit eigen ervaring van lang geleden weet ik niettemin dat uiteindelijk maar een stand telt: die van na de laatste speeldag. Als dat die eerste keer is ben ik dik tevreden.